December 2011
9
Veel gebruikte medicijnen bij GSD 3
-
Bètablokkers: kunnen worden voorgeschreven bij een cardiomyopathie. Nadeel van dit
medicijn: het kan de klachten van te lage bloedsuiker soms verdoezelen.
-
Vitamine D en calcium-suppletie: kunnen worden voorgeschreven bij tekorten van vitamine D
en calcium. Dit is goed voor de botopbouw.
-
Vaccinatie: Iedere patiënt moet de standaardvaccinaties volgens het rijksvaccinatieprogramma
krijgen. Daarnaast is het advies om jaarlijks de griepprik te halen. Ook wordt geadviseerd om te
laten vaccineren tegen hepatitis (leverontsteking) type B en C.
Te vermijden medicijnen bij GSD 3
In sommige medicijnen zit lactose of andere suikers, zoals sacharose (bijvoorbeeld in hoestsiroop).
Het is beter om een alternatief te gebruiken als dit beschikbaar is. Als u twijfelt of u een middel
kunt gebruiken, kunt u contact opnemen met het medisch centrum.
Gebruik van middelen die een hypoglycemie kunnen uitlokken, moet u zoveel mogelijk vermijden.
Het advies is heel matig te zijn met alcohol. Als u toch alcohol drinkt, doe dat dan voor een
maaltijd. Het gebruik van drugs wordt afgeraden. Daarnaast moet u voorzichtig zijn met
bètablokkers. Deze medicijnen kunnen de klachten van een te lage bloedsuiker soms verdoezelen.
Ook statines is af te raden. Dit medicijn kan spierzwakte verergeren of uitlokken.
U kunt uw apotheker om advies vragen. Ook kunt u met uw behandelend specialist overleggen.
Noodprotocol
Een dreigende metabole ontregeling is een verstoring van het evenwicht tussen inname en
verbruik van suikers (glucose). Dit kan gebeuren bij bijvoorbeeld een gewone kinderziekte of
normale griep. De patiënt kan hierdoor ernstig ziek worden. Daarom zijn in zulke situaties speciale
maatregelen nodig. Die maatregelen zijn bedoeld om het evenwicht te herstellen.
Iedere patiënt heeft een noodprotocol. Het protocol is erop gericht om metabole ontregeling
tegen te gaan. In het protocol staat precies beschreven wat u thuis kunt doen. Ook staat erin met
wie u kunt overleggen, wanneer u naar het ziekenhuis moet komen en wat er in het ziekenhuis zal
gebeuren.
Het noodprotocol kan bijvoorbeeld ingaan bij ziekte, vooral in combinatie met koorts, braken en/of
diarree. Hierbij is minder inname van suikers door minder eetlust of braken. Bovendien gebruikt u
dan meer suikers door koorts en ziekte. Daarnaast zijn er speciale maatregelen bij een operatie.
Ook dan kunt u de normale dieetregels niet volgen.