43
Laboratorium onderzoek (zie 2.4.2 D en tabel 5)
•
Methode:
○
Bloed‐ en urinecontroles i.v.m. het opsporen van complicaties en deficiënties.
•
Beleid:
○
U spreekt af met de patiënt en/of ouder wanneer de uitslagen van het laboratorium met hen
worden besproken.
Groei (zie 2.4.2 C)
•
Problemen:
○
Achterblijvende lengtegroei als gevolg van een te geringe eiwit/energie‐inname/metabole
acidose.
○
Gewichtsproblemen als gevolg van een afwijkend eetpatroon, een te geringe eiwit/energie‐
inname of t.g.v. bijwerkingen van het dieet.
○
Voedingsdeficiënties ten gevolge van behandeling met ketogeen dieet.
•
Methode:
○
Lengte, gewicht en hoofdomtrek (kinderen < 1 jaar) meten bij poliklinische controle,
groeicurve bijhouden (zie tabel 5).
○
Laboratorium onderzoek (zie 2.4.2 C, 2.4.2 D en tabel 5).
•
Beleid:
○
Bij afwijkende lengtegroei en/of gewicht:
-
Uitbreiding energie‐ en/of eiwit‐inname.
-
Overweeg (aanvullende) sondevoeding.
Cardiale problemen (zie 2.4.2 C, 2.4.2 D en tabel 5).
•
Problemen:
○
Verlengd QTc interval.
○
Oedemen.
•
Methode:
○
ECG
○
Laboratorium onderzoek naar plasma selenium bij verlengd QTc interval of op indicatie.
•
Beleid:
○
Suppletie met een selenium bevattend multi vitaminepreparaat in geval van deficiëntie.
○
Overleg kindercardioloog.
Nierproblemen (zie 2.4.2 C, 2.4.2 D en tabel 5)
•
Problemen:
○
Vorming van nierstenen.
○
Oedemen.
•
Methode:
○
Familie anamnese met nierstenen.
○
Anamnese vochtinname.
○
Laboratorium onderzoek Ca/kreat ratio.
○
Nierecho.
•
Beleid:
○
Uitbreiding vochtinname.
○
Medicatie: kaliumcitraat.
○
Zonodig stoppen van AED als Topiramaat, Zonegran, Diamox.
○
Overleg (kinder)nefroloog.